[
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:160 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3003",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZCTG:2026:160",
    "date": "06-08-2026",
    "description": "Klacht tegen een huisarts. Klager verbleef met enkele onderbrekingen van 2013 tot\n                           2017 in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek. Klager is eenmaal\n                           bij de arts op consult geweest. Klager verwijt de arts dat hij adviseerde paracetamol\n                           te nemen voor de hoofdpijn. Hij had klager verder moeten onderzoeken. Bovendien had\n                           hij op de hoogte moeten zijn van de psychofarmaca die klager toegediend kreeg. Het\n                           Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege\n                           verwerpt het ingestelde beroep."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:161 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3004",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZCTG:2026:161",
    "date": "06-08-2026",
    "description": "Klacht tegen een psychiater. Klager verbleef in een verpleeghuis voor mensen met verslavingsproblematiek.\n                           De psychiater werkte in die periode voor een instelling die psychiatrische hulp verleende\n                           in het verpleeghuis. Volgens klager heeft de psychiater hem: a) vanaf 2014 zonder\n                           zijn medeweten medicatie gegeven, als gevolg waarvan klager fysieke klachten kreeg;\n                           b) nooit lichamelijk onderzocht; c) hem tijdens een consult niet respectvol behandeld\n                           heeft. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen kennelijk\n                           ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:162 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2026/3148",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZCTG:2026:162",
    "date": "06-08-2026",
    "description": "Klacht tegen een psychiater. Klaagster is tweemaal door de psychiater gezien voor\n                           een second opinion in het kader van een euthanasietraject. Klaagster maakt de psychiater\n                           verwijten over de inhoud van de verslagen van beide second opinions, de verzending\n                           van het verslag van de tweede second opinion en haar communicatie per e-mail. Het\n                           Regionaal Tuchtcollege te Zwolle heeft de klacht deels gegrond verklaard en de fysiotherapeut\n                           de maatregel van waarschuwing opgelegd. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZCTG:2026:165 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3017",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZCTG:2026:165",
    "date": "06-08-2026",
    "description": "Klacht tegen een huisarts. Klaagster is met een crisismaatregel gedwongen opgenomen\n                           nadat de huisarts de crisisdienst had ingeschakeld. Klaagster verwijt de huisarts\n                           dat zij lichtvaardig aan de crisisdienst opdracht heeft gegeven om klaagster te laten\n                           opnemen, waarbij klaagster in strijd met de uitgangspunten van de Nationale Hoorservice\n                           niet haar zienswijze heeft kunnen geven. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht\n                           kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het ingestelde beroep."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8613",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:139",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Regiebehandelaar. Moeder van cliënt\n                           klaagt onder meer over de behandeling van haar zoon, die later door suïcide is overleden.\n                           Opname op Forensisch Psychiatrische Afdeling van GGZ-instelling. Afspraken over vrijheden\n                           en verloven. Wijziging van behandel- en beveiligingsafspraken in geval van incidenten.\n                           Handelen in overeenstemming met professionele competenties en rol als regiebehandelaar."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8964",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:140",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog. Klacht betreft psychodiagnostisch\n                           onderzoek dat door een GZ-psycholoog in opleiding onder verantwoordelijkheid van verweerster\n                           is gedaan. Klager verwijt verweerster ondeugdelijk onderzoek, met als gevolg onzorgvuldige\n                           diagnoses en behandeladvies en onvoldoende supervisie. Deugdelijk en zorgvuldig diagnostisch\n                           proces. Diverse onderzoeksmethoden en testonderzoek. Integratief beeld. Het bestaan\n                           van tegenstrijdige testresultaten wil niet zeggen dat het onderzoek onjuist is uitgevoerd.\n                           Rapportage voldoet aan de eisen. Supervisie conform de geldende richtlijnen."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:141 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8663",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:141",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen GZ-psycholoog die ook de regiebehandelaar van patiënte\n                           is. Patiënte verwijt de GZ-psycholoog dat zij, ondanks dat klaagster bijwerkingen\n                           van de medicatie ervaarde, heeft geweigerd de medicatie aan te passen. GZ-psycholoog\n                           is niet bevoegd medicatie voor te schrijven of aan te passen. Als regiebehandelaar\n                           heeft zij het verzoek van klaagster terecht aan de artsen en verpleegkundig specialist\n                           doorgegeven."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:142 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8872",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:142",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen oogarts. Er was geen sprake van een weigering van\n                           zorg door de oogarts, omdat het ziekenhuis klager steeds een afspraak bij een andere\n                           oogarts had aangeboden. Ook is het recht op vrije artsenkeuze niet geschonden, omdat\n                           dit geen verplichting voor een individuele arts inhoudt om iedere patiënt te behandelen.\n                           Voor zover de klacht betrekking heeft op het handelen van het ziekenhuis of de bestuurder,\n                           kan de oogarts daarvoor niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk worden gehouden."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:137 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025-9247",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:137",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen chirurg.  Plaatsen drie rubberbandligaties was conform\n                           richtlijnen. Chirurg heeft de pijnklachten van klager niet genegeerd en doorverwijzing\n                           was passend. Geen sprake van onheuse bejegening en/of niet serieus nemen klachten.\n                           HIV-status van klager was geen contra indicatie voor plaatsen rubberbandligaties."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRSHE:2026:138 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/9248",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRSHE:2026:138",
    "date": "05-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen chirurg.  Chirurg heeft klager geïnformeerd over\n                           de behandelopties en het te verwachten beloop na de behandeling. Plaatsen drie rubberbandligaties\n                           was conform richtlijnen. Controlemoment heeft plaatsgevonden en geen sprake van niet\n                           serieus nemen klachten. HIV-status van klager was geen contra indicatie voor plaatsen\n                           rubberbandligaties"
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:193 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9595",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:193",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Bij klaagster is een tumor in de\n                           hals ontdekt. Klaagster heeft zich bij dit college en bij het Centraal Tuchtcollege\n                           voor de Gezondheidszorg op het standpunt gesteld dat de MRI-scans door verschillende\n                           radiologen op verschillende momenten niet juist zijn beoordeeld, waardoor er niet\n                           is gezien dat de tumor was gegroeid. Het college is met de radioloog van oordeel dat\n                           het openen van het dossier in 2018 nog niet betekent dat de toen gemaakte scan daadwerkelijk\n                           door hem is beoordeeld. Voor het college is leidend dat uit het medisch dossier blijkt\n                           dat de radioloog niet de verslaglegging heeft gedaan van de beoordeling van deze MRI-scan\n                           en ook niet als medebeoordelaar wordt genoemd in de verslagen. Zodoende concludeert\n                           het college dat de radioloog geen betrokkenheid heeft gehad bij de (uiteindelijke)\n                           beoordeling van de scan in 2018."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:194 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9596",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:194",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Bij klaagster is een tumor in de\n                           hals ontdekt. Klaagster heeft zich bij dit college en bij het Centraal Tuchtcollege\n                           voor de Gezondheidszorg op het standpunt gesteld dat de MRI-scans door verschillende\n                           radiologen op verschillende momenten niet juist zijn beoordeeld, waardoor er niet\n                           is gezien dat de tumor was gegroeid. Het college is met de radioloog van oordeel dat\n                           het openen van het dossier nog niet betekent dat de in 2016 gemaakte scan ook daadwerkelijk\n                           door haar is beoordeeld. Voor het college is leidend dat uit het medisch dossier blijkt\n                           dat de radioloog niet de verslaglegging heeft gedaan van de beoordeling van deze MRI-scan\n                           en ook niet als medebeoordelaar wordt genoemd in de verslagen. Zodoende concludeert\n                           het college dat de radioloog geen betrokkenheid heeft gehad bij de (uiteindelijke)\n                           beoordeling van de scan in 2016."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:195 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8635",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:195",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen een (basis)arts. De moeder van klaagster (patiënte)\n                           was opgenomen op de instelling waar de arts destijds als basisarts werkte. Op de dag\n                           van het ontslag uit de instelling is patiënte thuis overleden. Klaagster vindt dat\n                           de arts patiënte niet adequaat heeft behandeld en onvoldoende heeft gecommuniceerd.\n                           Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld en kan niet vaststellen\n                           hoe de communicatie tussen klaagster en haar echtgenoot met de arts is geweest."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:196 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9459",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:196",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "(Gedeeltelijk) kennelijk ongegronde klacht tegen een specialist ouderengeneeskunde.\n                           Klager klaagt namens zijn vader, die op basis van een rechterlijke machtiging (RM)\n                           op een gesloten afdeling verblijft. De arts heeft voor de verlening van die RM een\n                           medische verklaring afgegeven. Klager vindt dat die verklaring niet op zorgvuldige\n                           wijze tot stand is gekomen en dat de arts alleen heeft geluisterd naar de bewindvoerder\n                           van zijn vader, terwijl klager meent dat hijzelf als zoon de primaire gesprekspartner\n                           was. Het college oordeelt dat de arts zorgvuldig heeft gehandeld bij het afgeven van\n                           de medische verklaring. Ook merkt het college op dat de vader een mentor heeft (geen\n                           bewindvoerder) die de officiële gesprekspartner voor persoonlijke zaken rond de vader\n                           was."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:190 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8902",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:190",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Gegronde klacht tegen gz-psycholoog. Klager en de gz-psycholoog kennen elkaar in privésetting.\n                           Klager is bij de gz-psycholoog in behandeling gekomen. Na vijf maanden heeft de gz-psycholoog\n                           de behandelovereenkomst eenzijdig verbroken. Klager vindt dat de gz-psycholoog hem\n                           nooit had mogen behandelen. Verder verwijt klager de gz-psycholoog dat zij haar medisch\n                           beroepsgeheim heeft geschonden tegenover gezamenlijke vrienden en het medisch dossier\n                           veel te laat aan hem heeft verstrekt. Het college acht alle klachtonderdelen gegrond.\n                           Voorwaardelijke schorsing van drie maanden, met een proeftijd van twee jaar."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:197 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9116",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:197",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Gegronde klacht van IGJ tegen een (voorheen BIG-geregistreerd) gz-psycholoog. De gz-psycholoog\n                           heeft grensoverschrijdend gehandeld door met een cliënte een vriendschappelijke relatie\n                           aan te gaan en vervolgens seksueel contact met haar te hebben. Daarnaast is hij tekort\n                           geschoten in de zorgverlening door de cliënte niet in overeenstemming met de professionele\n                           standaard en richtlijnen te behandelen, en onvoldoende dossier te voeren. De gz-psycholoog\n                           heeft zijn tuchtrechtelijk verwijtbare handelen erkend. Verbod op wederinschrijving.\n                           Het college verbiedt de gz-psycholoog om als zorgverlener supervisie-, mentoring-\n                           en coachingstrajecten aan andere zorgverleners aan te bieden."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:191 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2026/9621  A2026/9622",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:191",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Deels gegronde klacht tegen psychotherapeut / gz-psycholoog, die een schriftelijke\n                           verklaring heeft opgesteld waarin zij over haar cliënte schrijft en gebeurtenissen\n                           beschrijft waarbij klager betrokken was. Klager verwijt verweerster onder meer dat\n                           zij valse kwalificaties en beschrijvingen over hem de verklaring heeft opgenomen.\n                           Het college oordeelt dat de psychotherapeut / gz-psycholoog de verklaring niet had\n                           mogen schrijven op de manier waarop zij dit heeft gedaan. Verwijtbaar handelen door\n                           op verzoek van cliënte een ongeadresseerde verklaring op te stellen waarin strafrechtelijke\n                           gedragingen van klager als feiten zijn opgenomen. Waarschuwing. Inzicht in onjuistheid\n                           van handelen en daar adequaat op gereflecteerd."
  },
  {
    "title": "ECLI:NL:TGZRAMS:2026:192 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9163",
    "link": "https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TGZRAMS:2026:192",
    "date": "04-08-2026",
    "description": "Kennelijk ongegronde klacht tegen een radioloog. Klager verwijt de radioloog dat hij\n                           hem onjuist advies heeft gegeven over de rustperiode na de injectie in de slijmbeurs\n                           van de rechterenkel en dat hierdoor zijn achillespees is afgescheurd. Het college\n                           oordeelt dat het advies van de radioloog om een paar dagen rust te houden na de injectie,\n                           met de folder die patiënten ontvangen - en ook met de wetenschappelijke literatuur\n                           - in lijn is, mede gelet op het feit dat er (nog) geen wetenschappelijk bewijs is\n                           dat een langere rustperiode van meerwaarde zou zijn."
  }
]