Overzicht medische tuchtzaken

18-05-2026 - 24-05-2026
20
Zaken
21
Week
2026
Jaar

Tuchtbode Nieuwsbrief – Week 21, 2026

1. INLEIDING

Welkom bij de Tuchtbode van week 21, 2026. Deze nieuwsbrief biedt een feitelijk overzicht van recent gepubliceerde medische tuchtzaken en beoogt bij te dragen aan het lerend vermogen binnen het tuchtrecht. In deze editie staan thema’s als informed consent, beroepsgeheim en zorgvuldige dossiervoering centraal, met uitspraken van zowel regionale tuchtcolleges als het Centraal Tuchtcollege.

2. HOOFDPUNTEN & TRENDS

  • Informed consent blijft een terugkerend thema: meerdere zaken benadrukken dat zorgverleners voorafgaand aan een ingreep expliciet toestemming moeten verkrijgen, ook voor onderdelen die tijdens een operatie kunnen worden uitgevoerd.
  • Het beroepsgeheim en de grenzen daarvan komen in diverse uitspraken aan bod, met name in situaties waarin zorgverleners informatie delen met familieleden tegen de wens van de patiënt in.
  • Het niet benutten van het inzage- en correctierecht door klagers speelt een rol in de beoordeling van klachten over rapportages, waarbij dit recht in beginsel voor rekening en risico van de klager komt.

3. STATISTIEKEN

  • Totaal aantal zaken deze week: 20
  • Aantal zaken per beroepsgroep:
  • Psychiater: 5
  • Verpleegkundige: 3
  • Huisarts: 2
  • Specialist ouderengeneeskunde: 2
  • Gynaecoloog: 1
  • AIOS gynaecoloog: 1
  • Fysiotherapeut: 1
  • GZ-psycholoog: 1
  • Klinisch psycholoog: 1
  • Gezondheidspsycholoog: 1
  • Verpleegkundig specialist GGZ: 1
  • Psychotherapeut: 1
  • Aantal zaken waarin een maatregel is opgelegd: 7 (waarvan 4 waarschuwingen, 1 berisping, 1 doorhaling, 1 voorwaardelijke doorhaling)

4. MEEST ILLUSTRATIEVE ZAKEN

Zaken in eerste aanleg (regionale tuchtcolleges)

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:113

  • Beroepsgroep: Gynaecoloog
  • Kern van het verwijt: De gynaecoloog verwijderde zonder specifieke toestemming van klaagster haar ovarium, terwijl daar geen medische noodzaak voor was. Ook was de verslaglegging naar de huisarts ondermaats.
  • Uitspraak en maatregel: Deels gegrond; berisping.
  • Motivering college: Het college oordeelt dat de mogelijkheid van gehele verwijdering van het ovarium nadrukkelijk met klaagster had moeten worden besproken. Alleen bij een medische noodzaak had de gynaecoloog zonder specifieke toestemming mogen handelen; daarvan was geen sprake.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • Bespreek voorafgaand aan een operatie expliciet alle mogelijke scenario’s en verkrijg daarvoor afzonderlijk toestemming.
  • Leg informed consent helder vast in het dossier, inclusief wat wel en niet is besproken.
  • Zorg voor volledige en accurate verslaglegging richting de huisarts na een ingreep.

ECLI:NL:TGZRSHE:2026:97

  • Beroepsgroep: Specialist ouderengeneeskunde
  • Kern van het verwijt: Nabestaanden verwijten de specialist onder meer het weigeren van medewerking aan een second opinion en het onvoldoende bekend zijn met de patiënt.
  • Uitspraak en maatregel: Gedeeltelijk gegrond; waarschuwing.
  • Motivering college: In zijn rol van medebehandelaar had de specialist moeten verifiëren of een second opinion nog gewenst was. Ook had hij zich onvoldoende in het patiëntendossier verdiept. De overige klachtonderdelen zijn ongegrond.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • Wees alert op de verschillende rollen die je als zorgverlener kunt hebben (mediator, medebehandelaar, supervisor) en handel daarnaar.
  • Verifieer actief of een eerder geuite wens voor een second opinion nog steeds actueel is.
  • Zorg dat je als behandelaar voldoende bekend bent met het dossier van de patiënt voordat je beslissingen neemt.

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:116

  • Beroepsgroep: Psychiater (tevens geneesheer-directeur)
  • Kern van het verwijt: De psychiater onderschreef het MDO-beleid om contact op te nemen met de moeder van klaagster, ondanks dat klaagster had aangegeven dit niet te willen. Er was geen sprake van een acute noodsituatie.
  • Uitspraak en maatregel: Gegrond; waarschuwing.
  • Motivering college: De psychiater handelde in haar rol als psychiater en niet als geneesheer-directeur. Het college past de tweede tuchtnorm toe. Er was geen noodsituatie die het delen van informatie zonder toestemming rechtvaardigde.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • Wees je bewust van de scheiding tussen verschillende rollen (behandelaar versus geneesheer-directeur) en de bijbehorende verantwoordelijkheden.
  • Deel geen patiëntinformatie met derden zonder toestemming, tenzij er sprake is van een acute noodsituatie die geen uitstel duldt.
  • Documenteer de afweging rondom het doorbreken van het beroepsgeheim zorgvuldig.

ECLI:NL:TGZRSHE:2026:91

  • Beroepsgroep: Specialist ouderengeneeskunde
  • Kern van het verwijt: Nabestaanden klagen over spoedoverplaatsing van de patiënt naar een andere woonzorglocatie, onvoldoende informatie aan de familie en het medicatiebeleid. Er was sprake van dementie met zeer ernstig probleemgedrag.
  • Uitspraak en maatregel: Ongegrond.
  • Motivering college: Er was sprake van een noodsituatie waarbij de veiligheid van patiënt, medebewoners en zorgverleners gewaarborgd moest worden. De familie was meerdere keren gesproken over overplaatsing in het belang van de patiënt, maar stond daar niet voor open. Het medicatiebeleid was niet onzorgvuldig.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • In noodsituaties mag het belang van veiligheid prevaleren boven de wensen van familie, mits goed gedocumenteerd.
  • Blijf herhaaldelijk communiceren met familie, ook als zij niet openstaan voor het voorgestelde beleid.
  • Leg de overwegingen rondom overplaatsing en medicatiebeleid helder vast in het dossier.

Beroepen (Centraal Tuchtcollege)

ECLI:NL:TGZCTG:2026:101

  • Beroepsgroep: Verpleegkundige
  • Kern van het verwijt: De verpleegkundige ging tijdens de behandelrelatie privécontact aan met een patiënt en startte aansluitend een seksuele en persoonlijke relatie. Ook deelde zij zonder noodzaak medische informatie over patiënten met een derde.
  • Uitspraak en maatregel: Gegrond; voorwaardelijke doorhaling van de inschrijving in het BIG-register (in beroep verzwaard ten opzichte van de eerder opgelegde deels voorwaardelijke schorsing).
  • Motivering college: Het Centraal Tuchtcollege oordeelt dat het beroep van de inspectie tegen de zwaarte van de maatregel slaagt. De ernst van de normschending rechtvaardigt een voorwaardelijke doorhaling.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • Het aangaan van een persoonlijke of seksuele relatie met een patiënt tijdens of aansluitend aan de behandelrelatie is een zeer ernstige schending van de professionele grenzen.
  • Deel nooit medische informatie over patiënten met derden zonder dat daarvoor een noodzaak bestaat.
  • Wees je bewust dat het tuchtrecht ook na beëindiging van de behandelrelatie van toepassing kan zijn op grensoverschrijdend gedrag.

ECLI:NL:TGZCTG:2026:102

  • Beroepsgroep: Verpleegkundige
  • Kern van het verwijt: De verpleegkundige declareerde als bestuurder van een zorgonderneming niet-geleverde zorg, declareerde zorg die niet voor vergoeding in aanmerking kwam en voldeed niet aan de dossierplicht.
  • Uitspraak en maatregel: Gegrond; doorhaling van de inschrijving in het BIG-register (beroep tegen zwaarte maatregel verworpen).
  • Motivering college: Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van de verpleegkundige en acht de doorhaling passend gezien de ernst van de normschendingen.
  • Concrete leerpunten voor de praktijk:
  • Declareer uitsluitend daadwerkelijk geleverde zorg die voor vergoeding in aanmerking komt.
  • Voldoe te allen tijde aan de dossierplicht; het ontbreken van adequate dossiervoering kan bijdragen aan een zwaardere maatregel.
  • Als bestuurder van een zorgonderneming draag je ook tuchtrechtelijke verantwoordelijkheid voor declaratiegedrag.

5. CONCLUSIE

Deze week laat zien dat informed consent, beroepsgeheim en professionele grenzen kernwaarden blijven in het medisch tuchtrecht. Zorgverleners doen er goed aan om toestemming voor ingrepen expliciet en gedocumenteerd te verkrijgen, en terughoudend te zijn met het delen van informatie met derden zonder toestemming van de patiënt. De uitspraken van het Centraal Tuchtcollege onderstrepen dat ernstige normschendingen, zoals grensoverschrijdend gedrag en declaratiefraude, kunnen leiden tot zware maatregelen waaronder (voorwaardelijke) doorhaling.

Hieronder vind je een overzicht van de gepubliceerde abstracts van alle zaken van afgelopen week

📄 Alle Zaken

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:118 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8274
22-05-2026
Gegronde klacht tegen een fysiotherapeut. Het college oordeelt dat de fysiotherapeut ten aanzien van de communicatie met klager en het beëindigen van de behandelrelatie met de dochter van klager onzorgvuldig heeft gehandeld en niet het belang van haar minderjarige patiënt voorop heeft gesteld. Alle klachtonderdelen zijn gegrond. Het college volstaat in dit geval met een gegrondverklaring zonder de oplegging van een maatregel.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:91 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8511
20-05-2026
Ongegronde klacht tegen specialist ouderengeneeskunde. Nabestaanden klagen over de spoedoverplaatsing van patiënt naar een andere woonzorglocatie, het niet tijdig en onvoldoende informeren van de familie en over het medicatiebeleid. Dementie in combinatie met zeer ernstig probleemgedrag. Noodsituatie en het waarborgen van veiligheid van patiënt, medebewoners en zorgverleners. Meerdere keren met familie gesproken over overplaatsing in het belang van patiënt. Familie stond daar niet voor open. Geen aanknopingspunt voor onzorgvuldig medicatiebeleid .
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:92 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8711
20-05-2026
Kennelijk ongegronde klacht psychiater. Klager stelt dat verweerster in een intakeverslag ten onrechte een DSM-classificatie heeft opgenomen, dat zij veel informatie heeft weggelaten ten opzichte van het besprokene en niet-besproken zaken wel heeft opgenomen. Verder heeft verweerster volgens klager zonder zijn toestemming (medische) gegevens verspreid en heeft zij niet toegelicht wie klager voor het intakegesprek heeft aangemeld. Het college is van oordeel dat klager kan worden ontvangen in zijn klacht, maar dat die klacht kennelijk ongegrond is. Verweerster kan geen tuchtrechtelijk verwijt worden gemaakt. Het intakeverslag zet op voldoende inzichtelijke en consistente wijze uiteen op welke gronden de beschrijvende diagnose en (bijkomende) DSM-classificatie steunen. De feiten, omstandigheden en bevindingen die verweerster heeft opgenomen zijn naar het oordeel van het college relevant en adequaat. Verweerster heeft het intakeverslag gedeeld met klagers huisarts, die hem had verwezen. Blijkens de toestemmingsverklaring is daarvoor namens klager toestemming verleend. Dat verweerster het intakeverslag hiernaast nog met anderen heeft gedeeld, kan het college niet vaststellen. Feiten of omstandigheden waaruit dit blijkt zijn niet aangedragen. De vraag wie klager heeft verwezen is door de maatschappelijk werkster beantwoord.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:103 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2984
20-05-2026
Klacht tegen een huisarts. De echtgenote van klager, hierna patiënte, was in april 2022 opgenomen in het ziekenhuis vanwege ondervoeding door slikproblemen en aldaar is een neusmaagsonde geplaatst. Patiënte kreeg als thuismedicatie macrogol voorgeschreven. Na ontslag bleef patiënte last houden van de sonde en ondervond zij meerdere klachten, zoals misselijkheid, braken en het uitspugen van de sonde. In mei 2023 kreeg patiënte een PEG-J sonde. Klager vindt – kort gezegd – dat de huisarts in de zorg omtrent de voorgeschreven medicatie, de sonde(voeding) en de klachten van patiënte tekort is geschoten. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:93 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8378
20-05-2026
Klager klaagt over een door de psychiater opgesteld Pro Justitia-rapport waarin hij vaststelt dat klager lijdt aan ASS, PTSS en een (ongespecificeerde) psychotische stoornis, en tbs met dwangverpleging en een vrijheidsbeperkende maatregel adviseert. Volgens klager bevat het rapport veel feitelijke onjuistheden. Klager heeft bovendien contra-expertises laten uitvoeren die de diagnose en risicotaxatie bekritiseren. Daarnaast klaagt hij over de bejegening door klager. Het college oordeelt dat klager geen gebruik heeft gemaakt van zijn inzage- en correctierecht, zodat eventuele feitelijke onjuistheden in beginsel voor zijn rekening en risico komen. Daarnaast oordeelt het college dat de psychiater zorgvuldig heeft gehandeld en dat zijn bevindingen steun vinden in de aan hem n het kader van het onderzoek beschikbaar gestelde informatie. De risicotaxatie is volgens de geldende richtlijnen uitgevoerd en navolgbaar. Dat verweerder klager onheus heeft bejegend, heeft het college niet kunnen vaststellen. Klacht ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:94 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8371
20-05-2026
Klager klaagt over een door de gz-psycholoog opgesteld Pro Justitia-rapport waarin zij vaststelt dat klager lijdt aan ASS, PTSS en een (ongespecificeerde) psychotische stoornis, en tbs met dwangverpleging en een vrijheidsbeperkende maatregel adviseert. Klager heeft contra-expertises laten uitvoeren die de diagnose en risicotaxatie bekritiseren. Het college oordeelt dat de gz-psycholoog zorgvuldig heeft gehandeld en haar conclusies voldoende heeft onderbouwd op basis van de beschikbare informatie. Er staan geen aantoonbaar feitelijke onjuistheden in het rapport en klager heeft de kans had om correcties aan te geven. De risicotaxatie is volgens de geldende richtlijnen uitgevoerd en navolgbaar. Klacht ongegrond
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:95 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8528
20-05-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen klinisch psycholoog. Klager verblijft in een tbs-kliniek. Hij wenst te worden overgeplaatst naar een kliniek voor langdurige forensische psychiatrische zorg. Verweerder heeft een psychologisch onderzoek verricht en een rapport uitgebracht. Klager stelt dat verweerder in zijn rapport ten onrechte heeft opgenomen dat sprake is geweest van meerdere ontvluchtingsplannen en dat verweerder deze onjuistheid heeft gebruikt ter onderbouwing van het door hem geadviseerde beveiligingsniveau. Het college is van oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is. De klinisch psycholoog baseerde zich op documenten van anderen en heeft geen gebruik gemaakte van zijn inzage- en correctierecht. Uit het rapport volgt verder dat verweerder het bestaan van een of meerdere ontvluchtingsplannen juist niet heeft gebruikt ter onderbouwing van het door hem geadviseerde beveiligingsniveau.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:96 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8620
20-05-2026
Kennelijk ongegronde klacht gezondheidspsycholoog. Klager was bij de gezondheidspsycholoog onder behandeling in verband met trauma-gerelateerde klachten. Die behandeling is door verweerster beëindigd in verband met gevoelens van verliefdheid van klager jegens verweerster. Klager stelt dat verweerster de behandeling eerder had moeten stopzetten en dat verweerster haar beroepsgeheim heeft geschonden door e-mails van klager door te sturen naar de politie. Het college is van oordeel dat klager in zijn klacht kan worden ontvangen. Er staat geen rechtsregel in de weg aan de klacht van klager bij zowel het college als het Nederlands Instituut van Psychologen (NIP). Verweerster wordt ook niet gevolgd in haar standpunt dat klager misbruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid door een klacht bij het college in te dienen. De omstandigheid dat klager is veroordeeld voor het stalken van verweerster en het feit dat hij over hetzelfde feitencomplex als in deze zaak een klacht bij het NIP heeft ingediend, zijn zowel op zichzelf als in onderlinge samenhang bezien, hiervoor onvoldoende. Het college is verder van oordeel dat de klacht kennelijk ongegrond is. Verweerster heeft, toen bleek dat klager gevoelens van verliefdheid voor haar had, de zorg heeft verleend die van haar mocht worden verwacht. Zij heeft haar beroepsgeheim niet geschonden.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:97 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7390
20-05-2026
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen specialist ouderengeneeskunde. Nabestaanden van patiënt klagen onder meer over de weigering mee te werken aan een second opinion, het onterecht opleggen van een maatregel aan klager, onvoldoende toezicht en onvoldoende correctieve actie, onvoldoende bekend zijn met de patiënt en het niet waarborgen van complexe zorg. Klacht over second opinion en onvoldoende bekendheid met patiënt zijn gegrond. Verschillende rollen van verweerder: mediator, medebehandelaar, supervisor. In zijn rol van medebehandelaar had verweerder moeten verifiëren of een second opinion nog wel gewenst was. Verweerder heeft zich onvoldoende in het patiëntendossier verdiept. Voor het overige ongegrond. Waarschuwing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:102 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2947
19-05-2026
Klacht van een zorgverzekeraar tegen en verpleegkundige. De verpleegkundige was enig aandeelhouder/bestuurder van een onderneming in de vorm van een besloten vennootschap die (thuis)zorg verleende. De onderneming declareerde zorgvergoedingen bij klaagster als zorgverzekeraar. Klaagster verwijt de verpleegkundige het declareren van niet geleverde zorg, het declareren van zorg die niet voor vergoeding in aanmerking komt en het niet voldoen aan de dossierplicht. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de verpleegkundige de maatregel van doorhaling van haar inschrijving in het BIG-register opgelegd. De verpleegkundige komt in beroep op tegen de zwaarte van de aan haar opgelegde maatregel en vraagt het Centraal Tuchtcollege om te volstaan met een lichtere maatregel. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van de verpleegkundige.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:117 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8526
19-05-2026
Gegronde klacht tegen een verpleegkundig specialist geestelijke gezondheidszorg. De verpleegkundig specialist was regiebehandelaar van klaagster en heeft na het MDO klaagster geïnformeerd dat er contact zou worden opgenomen met haar moeder, ook nadat klaagster had aangegeven dit niet te willen. De verpleegkundig specialist is betrokken geweest bij het bepalen van dat beleid. Er was geen sprake van een noodsituatie die zodanig acuut was dat een andere oplossing niet kon worden afgewacht. De verpleegkundig specialist heeft gereflecteerd op de gebeurtenis. Klacht gegrond, waarschuwing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:113 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8968
19-05-2026
Deels gegronde klacht tegen een gynaecoloog. Klaagster verwijt de gynaecoloog onder andere dat hij medisch onnodig en in strijd met het informed consent heeft gehandeld door zonder toestemming van klaagster haar ovarium te verwijderen, en dat hij onjuist en onvolledig verslag heeft gedaan aan de huisarts. Het college is van oordeel dat de gynaecoloog in dit geval de mogelijkheid van gehele verwijdering van het ovarium nadrukkelijk met klaagster had moeten bespreken. Alleen in geval van een medische situatie die de verwijdering van het ovarium op dat moment noodzakelijk maakte, had de gynaecoloog dat zonder specifieke toestemming van klaagster mogen doen; van een medische noodzaak was in dit geval geen sprake. Ook is de verslaglegging naar de huisarts ondermaats geweest. Berisping.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:114 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9241
19-05-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een AIOS gynaecoloog. Klaagster verwijt de AIOS dat hij haar zonder informed consent heeft laten instemmen met een episiotomie en haar daarbij heeft geïntimideerd. Omdat in het dossier helder is beschreven dat klaagster na overleg en uitleg toestemming heeft gegeven voor een episiotomie is de klacht dat informed consent ontbreekt, ongegrond. Dat de AIOS zich daarbij intimiderend zou hebben gedragen, wordt door hem ontkend. Het college kan bij tegengestelde verklaringen niet vaststellen wat er precies is gebeurd. Wel merkt het college op dat in het medisch dossier concreet en uitvoerig verslag is gedaan van het verloop van de bevalling en dat expliciet is vermeld dat klaagster na de bevalling blij was met het beloop en de begeleiding van de AIOS, wat in tegenspraak is met haar klacht. De klacht is kennelijk ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:97 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2843
19-05-2026
Verzet tegen een voorzittersbeslissing in de zaak tegen een (destijds) AIOS interne geneeskunde. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht tegen de arts kennelijk ongegrond verklaard. De voorzitter van het Centraal Tuchtcollege heeft het beroep van klager afgewezen. Het Centraal Tuchtcollege verklaart het door klager ingestelde verzet ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:100 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3038
19-05-2026
Klacht tegen een huisarts. Klacht van dochter over de behandeling van haar inmiddels overleden moeder. De huisarts wordt verweten dat zij onvoldoende zorg heeft geleverd en niet adequaat heeft gehandeld in de fase van palliatieve zorg aan klaagsters moeder. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:115 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8524
19-05-2026
Gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft haar beroepsgeheim geschonden door na een MDO contact op te nemen met de moeder van klaagster, ook nadat klaagster had aangegeven dit niet te willen. De psychiater was betrokken bij het bepalen van dat beleid. Er was geen sprake van een noodsituatie die zodanig acuut was dat een andere oplossing niet kon worden afgewacht. De psychiater heeft gereflecteerd op de gebeurtenis. Klacht gegrond, waarschuwing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:98 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3015
19-05-2026
Klacht tegen een psychiater. Klaagster heeft gedurende een aantal jaren samen met haar partner relatietherapie gevolgd bij de psychiater. Nadat die behandelrelatie was geëindigd, is de psychiater gebeld door de inmiddels ex-partner van klaagster en een buurvrouw, omdat zij zich zorgen maakten over klaagster. Diezelfde avond is klaagster opgehaald door de crisisdienst en gedwongen opgenomen in een gesloten GGZ-afdeling. Klaagster verwijt de psychiater onder meer dat hij aan de ex-partner en de buurvrouw het advies heeft gegeven om de huisarts te bellen. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart dit klachtonderdeel ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen dit deel van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:101 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2938
19-05-2026
Klacht van de inspectie tegen een verpleegkundige. De inspectie verwijt de verpleegkundige dat zij seksueel grensoverschrijdend heeft gehandeld door tijdens de behandelrelatie privécontact aan te gaan met een patiënt en aansluitend aan de behandelrelatie een seksuele en persoonlijke relatie aan te gaan met de patiënt. Ook verwijt de inspectie de verpleegkundige dat zij onprofessioneel heeft gehandeld door – zonder dat hiertoe een noodzaak bestond – medische informatie over patiënten met een derde te delen. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht gegrond verklaard en aan de verpleegkundige de maatregel van schorsing opgelegd voor de duur van twaalf maanden, waarvan drie maanden voorwaardelijk. Zowel de inspectie als de verpleegkundige komen in beroep tegen de zwaarte van de opgelegde maatregel. Het beroep van de inspectie slaagt. Het Centraal Tuchtcollege vernietigt de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege, voor zover daarbij een deels voorwaardelijke schorsing is opgelegd en legt de verpleegkundige een voorwaardelijke doorhaling van haar inschrijving in het BIG-register op.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:116 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8525
19-05-2026
Gegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater, die ook geneesheer-directeur is, heeft een afweging gemaakt in de rol van psychiater, en niet in de rol van geneesheer-directeur. Tweede tuchtnorm. De psychiater onderschreef het tijdens het MDO afgesproken beleid om contact op te nemen met de moeder van klaagster, ook nadat klaagster had aangegeven dit niet te willen. Er was geen sprake van een noodsituatie die zodanig acuut was dat een andere oplossing niet kon worden afgewacht. De psychiater heeft gereflecteerd op de gebeurtenis. Klacht gegrond, waarschuwing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:99 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/3016
19-05-2026
Klacht tegen een psychotherapeut. Klaagster heeft gedurende een aantal jaren samen met haar partner relatietherapie gevolgd bij de psychotherapeut. Nadat die behandelrelatie was geëindigd, is de psychotherapeut gebeld door de inmiddels ex-partner van klaagster en een buurvrouw, omdat zij zich zorgen maakten over klaagster. Diezelfde avond is klaagster opgehaald door de crisisdienst en gedwongen opgenomen in een gesloten GGZ-afdeling. Klaagster verwijt de psychotherapeut onder meer dat hij aan de ex-partner en de buurvrouw het advies heeft gegeven om de huisarts te bellen. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart dit klachtonderdeel ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen dit deel van de beslissing van het Regionaal Tuchtcollege.
Bekijk volledige zaak →