📄 Alle Zaken
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:76 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam 2025/8671
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts in opleiding tot huisarts. Klager heeft
twee weken na een bezoek aan de spoedpoli van een GGZ-aanbieder zijn echtgenote gedood.
Klager verwijt de arts dat hij en een collega hebben nagelaten de noodzakelijke medische
zorg te verlenen, dan wel niet hebben ingegrepen bij een mogelijk levensbedreigende
situatie. Het college is van oordeel dat er voor de arts geen aanleiding was om acuut
gevaar te vermoeden. Er was dan ook geen reden om klager op te nemen.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:77 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/9111
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog. Klaagster verwijt de gz-psycholoog
dat niet duidelijk was wie de regiebehandelaar was. Het was beter geweest als de wijziging
van het regiebehandelaarschap niet alleen telefonisch maar ook schriftelijk aan klaagster
was medegedeeld. Achterwege blijven van de schriftelijke mededeling is echter niet
tuchtrechtelijk verwijtbaar. De overige klachtonderdelen zijn ook ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:78 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8245
10-04-2026
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een psychotherapeut. Klager verwijt de psychotherapeut
onder meer dat zij als regiebehandelaar een brief heeft ondertekend waarin ten onrechte
is vermeld dat sprake was van ‘wederkerige mishandeling’, met als gevolg dat klager
daarvan nadeel ondervond in gerechtelijke procedures. Dit klachtonderdeel is gegrond.
Door het begrip ‘anamnestische’ weg te laten, lijkt sprake te zijn van een vaststaand
feit. Dat laatste staat echter niet vast en blijkt echter nergens uit. In de overige
klachtonderdelen is klager niet-ontvankelijk. Het college legt een waarschuwing op.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:72 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8315
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater, werkzaam als geneesheer-directeur.
Klager verwijt de psychiater dat zij zijn medisch dossier niet heeft verstrekt dan
wel een onvolledig of gemanipuleerd dossier aan hem heeft verstrekt. Tweede tuchtnorm
van toepassing. De psychiater is niet betrokken geweest bij een eerdere afgifte van
het dossier en de inhoud daarvan. De psychiater heeft de vragen van klager over zijn
dossier zorgvuldig beantwoord.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:73 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8316
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater, werkzaam als geneesheer-directeur.
Klager verwijt de psychiater dat zij zijn medisch dossier niet heeft verstrekt dan
wel een onvolledig of gemanipuleerd dossier aan hem heeft verstrekt. Tweede tuchtnorm
van toepassing. De psychiater is niet betrokken geweest bij een eerdere afgifte van
het dossier en de inhoud daarvan. De psychiater heeft de vragen van klager over zijn
dossier zorgvuldig beantwoord.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:74 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8317
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een psychiater, werkzaam als geneesheer-directeur.
Klager verwijt de psychiater dat zij zijn medisch dossier niet heeft verstrekt dan
wel een onvolledig of gemanipuleerd dossier aan hem heeft verstrekt. Tweede tuchtnorm
van toepassing. De psychiater is niet betrokken geweest bij een eerdere afgifte van
het dossier en de inhoud daarvan. De psychiater heeft de vragen van klager over zijn
dossier zorgvuldig beantwoord.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:75 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8670
10-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een arts in opleiding tot psychiater. Klager heeft
twee weken na een bezoek aan de spoedpoli van een GGZ-aanbieder zijn echtgenote gedood.
Klager verwijt de arts dat zij en een collega hebben nagelaten de noodzakelijke medische
zorg te verlenen, dan wel niet hebben ingegrepen bij een mogelijk levensbedreigende
situatie. Het college is van oordeel dat er voor de arts geen aanleiding was om acuut
gevaar te vermoeden. Er was dan ook geen reden om klager op te nemen.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:66 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8186
08-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen MDL-arts. Klaagster klaagt over de keuze van verweerder
een sigmoïdoscopie uit te voeren en dat hij op 12 en 26 januari 2024 zijn informatieplicht
heeft geschonden. Geen schending informatieplicht. Verweerder is voorafgaand aan het
verrichten van de sigmoïdoscopie op 12 januari 2024 nagegaan of deze in het geval
van klaagster was geïndiceerd. Hij heeft bovendien de voorgeschreven time out-procedure,
waarvan het hebben verkregen van informed consent onderdeel is, zorgvuldig en correct
doorlopen. Op 26 januari 2024 heeft verweerder klaagster geïnformeerd over het risico
van een stoma als bij de ingreep sprake blijkt te zijn van een perforatie. Ook de
assistent chirurgie heeft dit risico met klaagster besproken. Klaagster heeft bovendien
zelf, tijdens het mondelinge vooronderzoek, erkend dat haar voorafgaand aan de operatie
is gezegd dat zij na de operatie wakker kon worden met een stoma. Ook is er voorafgaand
aan de operatie bij klaagster een stomastip op haar buik gezet.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:67 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8187
08-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen MDL-arts. Klaagster klaagt over ontslag uit ziekenhuis,
het niet-meedelen van een onderzoeksuitslag en over informed consent rondom sigmoïdoscopie.
Ontslag uit ziekenhuis navolgbaar. Het ging medisch gezien beter met klaagster. Klaagster
gaf verweerster en andere zorgverleners ook meermaals aan naar huis te willen. Dat
de toestand van klaagster na het ontslag verslechterde en zelfs tot een heropname
van klaagster heeft geleid, maakt niet dat verweerster klaagster niet had mogen ontslaan.
Verweerster heeft klaagster telefonisch gesproken en haar de uitslag van het onderzoek
meegedeeld. De physician assistant, die de sigmoïdoscopie geïndiceerd heeft geacht
en aangevraagd, is in beginsel zelf verantwoordelijk voor het informeren van klaagster
over de risico’s daarvan en voor het verkrijgen van informed consent. Dat is niet
de verantwoordelijkheid van verweerster.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:68 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2024/7866
08-04-2026
Ongegrond klacht over MDL-arts. Klaagster klaagt over onheuse bejegening tijdens een
telefoongesprek waarin de MDL-arts de uitslag van een coloscopie aan klaagster meedeelde,
over de kwaliteit van de aan klaagster verleende zorg en over de verwarrende communicatie
van en namens verweerder. Klaagster heeft aangegeven verweerder niet meer te willen
spreken. Ook klaagt klaagster over de brief van verweerder aan de huisarts van klaagster
en dat de MDL-arts niet heeft geleerd van een bij zijn polikliniek ingediende klacht.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:54 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8219
07-04-2026
Klacht tegen een internist kennelijk ongegrond. Klager was vanwege een hiv-infectie
onder behandeling bij de internist. De behandelrelatie verslechterde, totdat klager
uiteindelijk de toegang tot het ziekenhuis werd ontzegd. Klager verwijt de internist,
samengevat, dat zij weigerde medicatie voor te schrijven en dat zij hem onvoldoende
heeft geïnformeerd over het beëindigen van de behandelingsovereenkomst en onvoldoende
tijdig heeft doorverwezen. Het college is van oordeel dat de internist niet tuchtrechtelijk
verwijtbaar heeft gehandeld en dat het in het belang van goede zorgverlening is dat
klager zich laat monitoren.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:55 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8220
07-04-2026
Klacht tegen een verpleegkundige. De verpleegkundige is verpleegkundig expert hiv
in het ziekenhuis. Klager heeft al geruime tijd een hiv-infectie en verwijt de verpleegkundige,
samengevat, het ten onrechte weigeren van medicatie en bloedonderzoek en het instellen
van een toegangsverbod en het doen van melding bij justitie. Het college is van oordeel
dat de verpleegkundige de zorg heeft verleend die van haar verwacht mocht worden.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:56 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8974
07-04-2026
Kennelijk ongegronde klacht van een patiënt tegen een tandarts. Klacht gaat over het
– volgens klager – onjuiste gebruik van declaratiecode H35 (moeizaam trekken tand
of kies met behulp van chirurgie) en onwaarheden in het patiëntendossier van klager.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8217
07-04-2026
Klacht tegen een huisarts kennelijk ongegrond. Klager ontving via de huisartsenpraktijk
van verweerder zijn hiv-medicatie. Het ziekenhuis was verantwoordelijk voor de medische
controles en behandeling van de hiv-infectie. Toen uit de informatie van de behandelend
specialist bleek dat klager zich aan de ziekenhuiscontroles onttrok, besloot de huisarts
de medicatie niet langer voor te schrijven en verwees klager naar de specialist voor
controle en hiv-medicatie. Klager verwijt de huisarts dat hij plotseling en onrechte
weigerde deze vervolgmedicatie te verstrekken. Het college oordeelt dat de huisarts
geen tuchtrechtelijk verwijt gemaakt kan worden.
Bekijk volledige zaak →