Overzicht medische tuchtzaken

09-03-2026 - 15-03-2026
23
Zaken
11
Week
2026
Jaar

Tuchtbode Nieuwsbrief – Editie 12 (2026)

1. INLEIDING

Welkom bij deze editie van de Tuchtbode, een overzicht van recente medische tuchtzaken. Deze nieuwsbrief draagt bij aan het lerend vermogen binnen de zorg door patronen en leerpunten uit tuchtrechtelijke uitspraken te belichten. Deze week staan thema’s als toestemmingsvereisten, professionele rolafbakening en medicatieveiligheid centraal.


2. HOOFDPUNTEN & TRENDS

  • Informatieplicht bij gezagsconflicten: Meerdere zaken benadrukken de noodzaak van actieve informatieverstrekking en expliciete toestemming bij minderjarige patiënten in complexe scheidingssituaties.
  • Off-label medicatiegebruik: Onvoldoende overleg en monitoring bij het voorschrijven van niet-geregistreerde medicatie leidt tot zware maatregelen.
  • Rolafbakening in teamverband: Duidelijkheid over verantwoordelijkheden (bijv. adviserende vs. behandelende rol) voorkomt onterechte verwachtingen.

3. STATISTIEKEN

  • Totaal aantal zaken: 23
  • Beroepsgroepen:
  • Huisartsen: 5
  • Medisch specialisten (o.a. internisten, KNO-artsen, psychiaters): 12
  • Tandarts: 1
  • Physician assistant: 1
  • Gz-psycholoog: 1
  • Bedrijfsarts: 1
  • Overig: 2
  • Maatregelen:
  • Waarschuwing: 1
  • Berisping: 1
  • Doorhaling BIG-register: 1
  • Gedeeltelijke ontzegging beroepsuitoefening: 1

4. MEEST ILLUSTRATIEVE ZAKEN

Tandarts (ECLI:NL:TGZRAMS:2026:50)

  • Kern verwijt: Voorbereiden behandeltraject zonder toestemming gezaghebbende ouder en onzorgvuldig overleg met Veilig Thuis.
  • Uitspraak: Gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
  • Motivering: De tandarts had klaagster eerder moeten informeren, gezien de conflictueuze scheiding. Het overleg met Veilig Thuis had anoniem moeten plaatsvinden.
  • Leerpunt: Verifieer bij minderjarigen altijd actief het gezag en documenteer toestemming. Bij meldingen aan Veilig Thuis: anonimiseer waar mogelijk.

Link naar zaak

Anesthesioloog-intensivist (ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41)

  • Kern verwijt: Voorschrijven van niet-geregistreerd medicijn (enoximon) in thuissituatie zonder overleg huisarts of monitoring.
  • Uitspraak: Gegrond. Doorhaling BIG-register.
  • Motivering: Handelen in strijd met Geneesmiddelenwet en zorgvuldigheidseisen.
  • Leerpunt: Bij off-label gebruik: overleg altijd met betrokken zorgverleners en stem monitoring af.

Link naar zaak

Huisarts (ECLI:NL:TGZCTG:2026:41)

  • Kern verwijt: Ongeautoriseerd onderzoek van minderjarige en ongegrond rapport over vader in gezagsconflict.
  • Uitspraak: Gegrond. Gedeeltelijke ontzegging beroepsuitoefening (verbod op afgeven verklaringen/rapportages).
  • Motivering: De huisarts handelde zonder toestemming van de gezaghebbende ouder en overschreed haar competentie.
  • Leerpunt: Bij gezagsgeschillen: handel strikt binnen wettelijke kaders en betrek alle gezaghebbenden.

Link naar zaak

Psychiater (ECLI:NL:TGZCTG:2026:42)

  • Kern verwijt: Onzorgvuldige diagnose ASS en bejegening tijdens onderzoek.
  • Uitspraak: Gedeeltelijk gegrond. Berisping.
  • Motivering: Het onderzoek was "te beperkt" en de psychiater nam onvoldoende tijd voor een grondige anamnese.
  • Leerpunt: Besteed bij complexe diagnostiek (zoals ASS) voldoende tijd aan multidisciplinaire afweging.

Link naar zaak

Atypische zaak: Bedrijfsarts (ECLI:NL:TGZCTG:2026:38)

  • Kern verwijt: Vermeende schending privacy en onzorgvuldige re-integratiebegeleiding.
  • Uitspraak: Ongegrond.
  • Motivering: De bedrijfsarts handelde conform richtlijnen en had toestemming voor gegevensuitwisseling.
  • Leerpunt: Documenteer expliciet toestemming voor gegevensdeling met werkgevers en volg reintegratieprotocollen.

Link naar zaak


5. CONCLUSIE

Deze zaken onderstrepen het belang van transparante communicatie, vooral bij gezagsconflicten en off-label medicatie. Daarnaast blijkt dat heldere rolafbakening binnen zorgteams essentieel is om verwachtingen te managen. Het tuchtrecht benadrukt hiermee de kernwaarden van zorgvuldigheid en samenwerking in de praktijk.

Hieronder vind je een overzicht van de gepubliceerde abstracts van alle zaken van afgelopen week

📄 Alle Zaken

ECLI:NL:TGZRAMS:2026:50 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8423
13-03-2026
Gedeeltelijk gegronde klacht tegen een tandarts. De minderjarige zoon van klaagster is doorverwezen naar de tandarts. Klaagster verwijt de tandarts dat hij een behandeltraject heeft voorbereid zonder haar toestemming als gezaghebbende ouder en haar daarbij niet heeft geïnformeerd. Daarnaast klaagt zij over een onterechte melding bij Veilig Thuis, onjuiste gegevens in het dossier en over grensoverschrijdend en discriminerend gedrag. Het college oordeelt dat de tandarts, gelet op de aard van de voorgenomen behandeling en zijn wetenschap van gezamenlijke gezagsuitoefening en een conflictueuze scheidingssituatie, klaagster in een eerder stadium actief moeten informeren en haar toestemming had moeten verkrijgen alvorens het behandeltraject in gang te zetten. In het contact met Veilig Thuis heeft de tandarts onvoldoende zorgvuldig gehandeld door het overleg niet anoniem te voeren. De overige klachtonderdelen zin ongegrond. Klacht gedeeltelijk gegrond. Waarschuwing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:41 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8743
13-03-2026
Klacht van de IGJ tegen een anesthesioloog-intensivist. De IGJ verwijt de anesthesioloog dat hij in strijd met de Geneesmiddelenwet enoximon in de thuissituatie heeft voorgeschreven terwijl het daar niet voor is geregistreerd. Ook heeft de anesthesioloog volgens de IGJ daarbij de zorgvuldigheidseisen niet in acht genomen door niet (vooraf) te overleggen met de huisarts van de patiënte en haar onvoldoende te monitoren tijdens het gebruik van het middel. Het college komt tot het oordeel dat de anesthesioloog tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld en de klacht gegrond is. Het college legt de anesthesioloog de maatregel van doorhaling in het BIG-register met onmiddellijke ingang op.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8907
13-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een MKA-chirurg. De MKA-chirurg wilde de door klager gewenste behandeling (het plaatsen van implantaten in de bovenkaak) niet uitvoeren. Klager verwijt de MKA-chirurg dat hij geweigerd heeft om zorg te verlenen zonder medische onderbouwing, dat hij geen alternatieve behandelopties heeft besproken en klager niet heeft doorverwezen. Het college kan de beslissing van de MKA-chirurg goed volgen, de gewenste behandeling was niet geïndiceerd. De klacht over doorverwijzing is niet onderbouwd.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8908
13-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een MKA-chirurg. Klager heeft bij de kliniek waar de MKA-chirurg werkzaam is een klacht ingediend. De MKA-chirurg was aanwezig bij een gesprek over de klacht. Klager verwijt de MKA-chirurg dat zij onzorgvuldig heeft gehandeld bij de klachtafhandeling en dat zij hem geen verwijzing heeft gegeven naar een andere zorginstelling. Klager is wel ontvankelijk in de klacht, maar alle klachtonderdelen zijn kennelijk ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:53 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8433
13-03-2026
Voorzittersbeslissing. Klager is niet-ontvankelijk omdat hij niet klachtgerechtigd is. De voorzitter ziet niet in dat er sprake is van een geschaad belang dat kan worden geplaatst in het kader van de individuele gezondheidszorg. Klager niet-ontvankelijk.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:39 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8291 en Z2025/8292
12-03-2026
Ongegronde klacht tegen een psychiater/psychotherapeut. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRZWO:2026:40 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Zwolle Z2025/8293
12-03-2026
Ongegronde klacht tegen een gz-psycholoog over de behandeling van klager. Klager was vanwege een depressieve stoornis onder behandeling bij de organisatie waar verweerder werkte. Verweerder was als regiebehandelaar bij de behandeling betrokken. Klager verwijt verweerder onder meer dat niet werd ingegrepen bij tekenen van suïcidaliteit, gemaakte afspraken niet werden nagekomen en dat de begeleiding tijdens het ECT-traject onvoldoende was.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:47 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8205
11-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Geen sprake van het stellen van een diagnose zonder enig onderzoek en het college heeft niet kunnen vaststellen dat de longarts zich onprofessioneel heeft gedragen tegen de patiënt.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:42 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2879
11-03-2026
Klacht tegen een KNO-arts. Klager verwijt de KNO-arts dat hij verwijtbaar heeft gehandeld, omdat hij bij het uitvoeren van het oortoilet bij het linkeroor van klager dit linkeroor heeft ‘stukgezogen’. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8944
11-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen KNO-arts. Klager verwijt de arts dat zij hem heeft gediscrimineerd door hem zorg te onthouden omdat klager rookt. Ook zou zij een ongepaste opmerking hebben gemaakt. In- en uitwendige scheefstand en gezwollen slijmvliezen. Medicatie vanwege gezwollen slijmvliezen. Behandelplan primair gericht op verhelpen van de neusblokkade, met een inwendige neuscorrectie als mogelijke oplossing. Belang van stoppen met roken besproken, gelet op de mogelijkheid van complicaties. Beleid navolgbaar en in overeenstemming met de geldende richtlijnen. Ongepaste opmerking kan niet worden vastgesteld.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:43 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2936 en C2025/2978
11-03-2026
Klaagster heeft een onderzoek ondergaan bij de psychiater naar een mogelijke autismespectrumstoornis. De psychiater heeft na twee gesprekken geconcludeerd dat bij klaagster geen sprake is van ASS, maar hooguit van een communicatiestoornis. De klacht van klaagster gaat over de bejegening en over de wijze van onderzoek. Daarnaast is klaagster van mening dat de psychiater een verkeerde diagnose heeft gesteld. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht voor een deel gegrond verklaard en de psychiater daarvoor de maatregel van berisping opgelegd. De klacht is voor het overige ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege zal de klacht op twee extra onderdelen gegrond verklaren en bepalen dat kan worden volstaan met handhaven van de maatregel van berisping.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8097
11-03-2026
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte. voorheen bekend als de ziekte van Wegener. Klaagster verwijt de internist dat zij geen regie heeft genomen, dat zij de diagnose GPA eerder had moeten stellen en dus ook eerder met de behandeling had moeten starten. De klacht is ongegrond. Het beleid was tijdens klaagsters eerste opname volgens de richtlijnen en er was geen aanleiding om van de richtlijnen af te wijken. Bij de tweede opname was er wellicht aanleiding om eerder met de behandeling te starten, maar bestond nog steeds geen duidelijkheid over de diagnose. De vertraging van enkele dagen in de aanvang van de behandeling door nog eens met een expertisecentrum te overleggen, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar. De internist was slechts één van de vele artsen die bij klaagster aan het bed zijn geweest. Zij bepaalde niet het beleid. Het lag niet op haar weg om (eenzijdig) een diagnose te stellen en/of om een - met reden - uitgestelde behandeling te starten.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:44 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2972
11-03-2026
Ongegronde klacht tegen een psychiater. De psychiater heeft klaagster gesproken en geconcludeerd dat er bij klaagster sprake was van een manisch toestandsbeeld vermoedelijk in het kader van een bipolaire 1 stoornis, waarvoor hij medicatie heeft voorgeschreven. Klaagster verwijt de psychiater dat hij zijn conclusie op een verkeerde basis heeft getrokken en ze is het niet eens met (de dosering van) de voorgeschreven medicatie. De psychiater stelt dat hij zijn conclusie op goede gronden heeft gebaseerd en dat de medicatie bedoeld was ter voorkoming van een crisisopname. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege is het hiermee eens en zal het beroep van klaagster verwerpen.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:38 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2722
11-03-2026
Klager heeft zich bij zijn werkgever ziekgemeld na een auto-ongeval. De bedrijfsarts heeft de verzuimbegeleiding van klager op zich genomen. Klager verwijt de bedrijfsarts dat zij de re-integratie van klager niet (goed) heeft begeleid, geen eigen onderzoek heeft gedaan, medische gegevens van klager met zijn werkgever heeft besproken terwijl zij daarvoor geen toestemming had gekregen, niets heeft gedaan met de bevindingen van de psycholoog van klager en de dreiging van de werkgever met een loonstop en onterecht een arbeidsconflict als oorzaak van de arbeidsongeschiktheid heeft aangemerkt. Het Regionaal Tuchtcollege heeft de klacht in al haar onderdelen kennelijk ongegrond verklaard. Het Centraal Tuchtcollege komt tot hetzelfde oordeel en verwerpt daarom het beroep van klager.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:39 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2980
11-03-2026
Ongegronde klacht tegen een huisarts. De moeder van klaagster (patiënte) was onder behandeling bij de huisarts. Patiënte was bekend met onder andere diabetes en een hoge bloeddruk. Klaagster verwijt de huisarts, samengevat, dat hij onvoldoende adequaat heeft gereageerd op de klachten van patiënte en haar onvoldoende zorg heeft verleend, waardoor zij uiteindelijk een hersenbloeding heeft gekregen. Het Regionaal Tuchtcollege oordeelt dat de huisarts de zorg heeft verleend die van hem verwacht mocht worden en verklaart de klacht ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klaagster tegen deze beslissing.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:51 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8098
11-03-2026
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte, voorheen bekend als de ziekte van Wegener. Klaagster verwijt de internist dat zij geen regie heeft genomen, dat zij de diagnose GPA eerder had moeten stellen en dus ook eerder met de behandeling had moeten starten. De klacht is ongegrond. Het beleid was tijdens klaagsters eerste opname volgens de richtlijnen en er was geen aanleiding om van de richtlijnen af te wijken. Bij de tweede opname was er wellicht aanleiding om eerder met de behandeling te starten, maar bestond nog steeds geen duidelijkheid over de diagnose. De vertraging van enkele dagen in de aanvang van de behandeling door nog eens met een expertisecentrum te overleggen, is niet tuchtrechtelijk verwijtbaar.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:45 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8094
11-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen radioloog. Klager verwijt de radioloog zonder toestemming zijn medisch dossier te hebben ingezien terwijl verweerder geen enkele rol had in de behandeling van klager. Het college oordeelt dat de radioloog op medisch-inhoudelijke gronden betrokken was bij de behandeling van klager en in dat kader het medisch dossier mocht raadplegen, de radioloog niet wist dat klager bij de klachtenfunctionaris had aangegeven dat hij niet wilde dat de radioloog zijn dossier zou inzien en de radioloog zich niet had gerealiseerd dat door hem te beoordelen thoraxfoto van degene was met wie hij een zakelijk geschil heeft.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:40 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2817
11-03-2026
Klacht tegen een huisarts. Klager verwijt de huisarts dat hij, ondanks verzoeken van klager en ondanks duidelijke signalen omtrent zorgen over de veiligheid van klagers kind en van andere kinderen, geen melding heeft gedaan bij Veilig Thuis. Klager verwijt de huisarts verder dat hij – door in zijn verweer tegen de klacht van klager gebruik te maken van het medisch dossier van klager – de privacy van klager ernstig heeft geschonden. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht kennelijk ongegrond. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van klager.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:52 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8099
11-03-2026
Klaagster werd in het ziekenhuis opgenomen met verdenking van de ziekte GPA (granulomatose met polyangiitis), een zeldzame auto-immuunziekte. voorheen bekend als de ziekte van Wegener. De nefroloog (internist, gespecialiseerd in nierziektes) heeft desgevraagd enkele malen advies gegeven aan behandelaars. Klaagster verwijt de nefroloog dat hij geen regie heeft genomen en nooit heeft gecontroleerd of zijn adviezen zijn opgevolgd. De klacht is ongegrond. De nefroloog was niet een van de behandelaars van klaagster. Een arts aan wie om advies wordt gevraagd door een collega, heeft slechts een adviserende taak. Hij stelt geen diagnose en hoeft niet na te gaan of zijn advies al dan niet door de behandelaars wordt opgevolgd. Het is aan de behandelaars om te beslissen wat zij met het verkregen advies doen.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRSHE:2026:46 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg 's-Hertogenbosch H2025/8222
11-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen longarts. Niet gebleken dat de longarts heeft medegedeeld dat klaagster zou komen te overlijden en afscheid moest nemen van haar kinderen. Niet toedienen ivermectine voor COVID-19 was conform richtlijnen. Geen sprake van niet serieuze of niet adequate bejegening door de longarts.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZCTG:2026:41 Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Den Haag C2025/2838
11-03-2026
Klacht tegen een huisarts. Klager is [gezaghebbende] de vader van een dochter, over wie hij het ouderlijk gezag heeft. Met het oog op een ondertoezichtstellingsprocedure bij de rechtbank heeft de huisarts (niet de eigen huisarts van moeder of dochter) in opdracht van moeder, zonder toestemming van klager, de dochter onderzocht en een schriftelijke verklaring afgelegd. Klager verwijt de huisarts dat zij: 1. zijn dochter heeft onderzocht/behandeld zonder zijn toestemming als [gezaghebbende] ouder [met gezag]; 2. ongefundeerde en belastende uitlatingen heeft gedaan over klager en zijn dochter die haar competentiegebied overstijgen. Deze uitlatingen zijn in strijd met gegronde bevindingen van de bevoegde rechtbank en in strijd met de bevindingen van de door deze rechtbank aangestelde psycholoog-deskundige en de Raad voor de Kinderbescherming; 3. klager als [gezaghebbende] ouder geen informatie heeft gegeven over het onderzoek/behandeling van zijn dochter en over de mogelijkheden tot het indienen van een klacht over haar werkwijze. Het Regionaal Tuchtcollege verklaart de klacht in al haar onderdelen gegrond en legt de huisarts een gedeeltelijke ontzegging op van de bevoegdheid om haar beroep uit te oefenen, in die zin dat het verweerster niet is toegestaan om in de hoedanigheid van huisarts of arts schriftelijk en/of mondeling verklaringen of rapportages over personen af te geven, onder welke naam en van welke aard ook en ongeacht met welk doel, en bepaalt dat de maatregel onmiddellijk van kracht wordt. Het Centraal Tuchtcollege verwerpt het beroep van de huisarts.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:48 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8295
10-03-2026
Ongegronde klacht tegen een reumatoloog. Klaagster is circa 5 maanden onder behandeling geweest van de reumatoloog. Klaagster verwijt de reumatoloog onder meer dat zij te lang en in een te hoge dosering Prednisolon heeft voorgeschreven. Het college stelt vast dat bij klaagster sprake was van een ernstige aandoening waarvoor snelle en adequate onderdrukking van ziekteactiviteit noodzakelijk was. Het voorschrijven van hoge doseringen Prednisolon was hierbij gebruikelijk en medisch geïndiceerd. Uit het dossier blijkt dat de reumatoloog de ziekteactiviteit van klaagster structureel heeft gemonitord en het beleid telkens heeft aangepast aan het beloop van de aandoening. Dat achteraf is geoordeeld dat eerder of sneller afbouwen mogelijk was geweest, maakt niet dat de reumatoloog ten tijde van haar handelen buiten de grenzen van een redelijk bekwame en redelijk handelende reumatoloog is getreden. Ook de overige klachtonderdelen zijn ongegrond.
Bekijk volledige zaak →
ECLI:NL:TGZRAMS:2026:49 Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg Amsterdam A2025/8397
10-03-2026
Kennelijk ongegronde klacht tegen een physician assistant (PA). Klaagster verwijt de PA dat zij onvoldoende zorg heeft verleend en dat zij, na klaagsters uitschrijving uit de huisartsenpraktijk waar de PA werkzaam is, het medisch dossier niet tijdig aan de nieuwe huisarts heeft overgedragen. Het college oordeelt dat het dossier geen aanknopingspunten biedt voor het verwijt dat zij onvoldoende zorg heeft verleend. De PA heeft juist veel inspanning geleverd in de behandeling, terwijl klaagster hier slechts deels op reageerde. De overdracht van het medisch dossier aan de nieuwe huisarts was een administratieve handeling waarbij de PA niet betrokken was en ook niet betrokken hoefde te zijn.
Bekijk volledige zaak →